DUURZAAMHEID | jrg. 31 (2010) nr. 2   bestel-button

2010jrg31nr2De gemiddelde westerling wil zich graag milieubewust en aan verspilling onschuldig voelen, maar beleeft het bewustwordingsproces misschien vooral als een hype: onbewust en voorlopig vrijblijvend. Wie zich incidenteel laat verleiden tot het aanschaffen van biologische supermarktproducten, en net zoals de rest van het land gloeilampen door spaarlampen heeft vervangen, is misschien juist minder bewust van zijn directe invloed op de planeet. Er wordt immers collectief een duurzaamheidlinie in stelling gebracht die niet zelden commercieel van aard is. Achter deze groene linie kan menig consument zich comfortabel verschansen, beschermd tegen allerhande doemscenario's.

Read More
Read More
Hoewel duurzaamheid nauw verwant is met andere modewoorden als ‘groen’ en ‘eco-’, heeft het zich verder losgemaakt van het geitenwollensokkenimago dat lang aan deze woordcluster kleefde, zonder daarbij iets van zijn positieve lading te verliezen – integendeel. Het resultaat is dat duurzaamheid met verblindende vanzelfsprekendheid opduikt in uiteenlopende partijprogramma’s, bancaire jaarverslagen, hypothecaire brochures, op productverpakkingen en in de statements van ontwerpers en kunstenaars. Vooral dit laatste was voor de redactie aanleiding om eens stil te staan bij dit begrip, want wat betekent duurzaamheid nu werkelijk? Met die vraag in het achterhoofd kwamen we tot de samenstelling van dit nummer, dat diverse interessante toepassingen van duurzaamheid op het gebied van architectuur, stedenbouw, beeldende kunst en musea samenbrengt.

Het alomtegenwoordig begrip duurzaamheid blijkt elusief; ieder auteur geeft er een andere invulling aan. Toch is er in ieder geval een - weliswaar zeer algemeen - kenmerk te benoemen: duurzaamheid draait altijd om het object in wisselwerking met zijn omgeving. Vaak gaat het om de ecologische omgeving, zoals in het geval van de autarkische gebouwen van Paul de Ruiter, die door slimme combinaties van verschillende functies bijzonder efficiënt met energie omgaan, en Maurice Davies’ visie op een energiezuinige en letterlijk duurzame museumsector. Pieter Winters gaat verder in op de betekenis van duurzaamheid door het begrip, in de context van stedenbouwkundige herontwikkeling, op te splitsten in het minimaliseren van het energieverbruik en het maximaliseren van de technische levensduur van een gebouw. Een kritische noot komt van Rachel Keeton. Zij analyseert de soms opportune omgang van projectontwikkelaars en marketeers met het concept van de eco-city.

Diverse auteurs verwijzen naar de cradle to cradle-theorie van McDonnough en Braungart, die een klimaatneutrale productcyclus voorspiegelt. Hans Dieleman komt echter met een andere theoretische oriëntering van duurzaamheid. Hij beschrijft de contextafhankelijke en associatieve werkwijze van bepaalde kunstenaars als een artistiek-ecologische vorm van duurzaamheid. Dit is mogelijk een waardevol alternatief voor al te lineaire denkprocessen. Herman Wesselink richt zich daarentegen op concrete problemen in zijn evaluatie van de herbestemming van Nederlandse kerken; is de ‘recycling’ van geweide gebouwen een verantwoorde mogelijkheid, of is de sloophamer onafwendbaar?

Uit de pluriformiteit van de onderwerpen valt op te maken dat duurzaamheid niet eenvoudig te duiden en te hanteren is. In sommige gevallen lijken ontwikkelingen en verbanden zich zelfs scherper af te tekenen wanneer de ‘duurzaamheid’ ervan even buiten beschouwing wordt gelaten. De in dit nummer gepubliceerde artikelen over architectuur en stedenbouw, bijvoorbeeld, vertonen specifiekere verbanden die als het ware schuilgaan onder de generieke noemer duurzaamheid. Ook is er het risico dat de hype rond duurzaamheid maakt dat daarmee geassocieerde, maar werkelijk interessante zaken als oppervlakkig worden afgedaan en daardoor onopgemerkt blijven. Juist daarom is het belangrijk om de ontwikkelingen onder het mom van duurzaamheid extra nauwlettend te volgen.


Inhoudsopgave
English abstracts

Pieter Winters
Duurzaamheid, alles of niets? Over de toepassingen van een modewoord
Sustainability, all of nothing? On the application of a vogue word

Het begrip duurzaamheid is sinds Al Gores An Inconvenient Truth overal aanwezig. Wat er precies mee wordt bedoeld, kan echter flink verschillen. Pieter Winters onderzoekt en definieert het modewoord duurzaamheid en verduidelijkt het begrip aan de hand van één van de grootste bouwopgaven uit deze tijd: de herontwikkeling van wederopbouwwijken.

Since Al Gore’s documentary An Inconvenient Truth, ‘sustainability’ has become an ubiquitous term, yet its meaning remains indistinct. Drawing from his analysis of the application of this term in the field of architectural renewal, Pieter Winters presents two workable definitions of sustainability: one centered on (material) durability, the other on energy neutral design.


Hans Dieleman
Duurzaamheid als kunst. Over de potenties van kunst in duurzame ontwikkeling
Sustainability as art. On art’s potential in a sustainable society

In de contextafhankelijke en associatieve werkwijze van bepaalde kunstenaars ziet socioloog Hans Dieleman een waardevol alternatief voor het handelen naar het klassieke wetenschappelijke wereldbeeld. Dit kan leiden tot een meer vruchtbare benadering van complexe zaken zoals duurzaamheid en het klimaatvraagstuk.

Sociologist Hans Dieleman discusses the methods of artists such as David Haley, Helen Mayer & Newton Harrison, and Theo Jansen. Dieleman argues that these methods illustrate a contextual and associative mode of thought that could be applied successfully to problems that appear unsolvable when tried using traditional scientific methodology.


Rachel Keeton
Eco-cities and warm fuzzy feelings

Climate friendly and pleasantly green, the concept of the so-called eco-city promises a sustainable solution for urban planners and city residents alike. However, in her review of several (proposed) eco-cities Rachel Keeton indentifies some discrepancies that indicate property developers might be exploiting the ‘warm fuzzy feelings’ associated with these projects.


In het kader van de huidige klimaatproblematiek lijkt de eco-city dé belofte voor een duurzame toekomst. Ontwikkelaars, uit op financieel voordeel, spelen echter handig in op de trend om duurzaam te willen leven. Rachel Keeton bespreekt in dit artikel het fenomeen eco-city en plaatst kritische kanttekeningen bij de vrije invulling van dit begrip.


Museums and Sustainability

In een gesprek met Jesse van Winden en Maeike Kimsma van Kunstlicht weidt Maurice Davies, Hoofd Communicatie en Beleid van Museums Association, uit over een aantal kwesties op het vlak van duurzaamheid binnen de museumsector.  

In a conversation with Kunstlicht’s Maeike Kimsma and Jesse van Winden, Maurice Davies discusses the environmental and material consequences of the museum boom in the United Kingdom. Drawing from his experience as the Deputy Director of the Museums Association, he consequently proposes several changes that will make museums more sustainable.


‘Een kwestie van gezond boerenverstand’. Interview met Paul de Ruiter
‘A matter of common sense’. Interview with Paul de Ruiter

Architect Paul de Ruiter is al jaren bezig met het bedenken en toepassen van duurzame architectuur. Hij pleit voor ‘intelligente’ gebouwen die dienen als bron voor energie en voedsel en tevens mensen gezond houden en met elkaar verbinden. Hoe kijkt hij aan tegen de huidige gang van zaken op het gebied van duurzaamheid? Kan het beter, en zo ja, hoe dan? Interview met een man die de natuur beter wil laten worden van zijn gebouwen.

For years, the architect Paul de Ruiter has been researching and designing sustainable forms of architecture. His ‘intelligent’ buildings and autarkic cities generate their own energy, provide food for their inhabitants, and connect people in surprising ways. Unfortunately, real estate developers and municipal governments usually stick to out-dated designs.


Herman Wesselink
Hergebruik van kerkgebouwen
New use of church buildings

In een poging leegstaande kerkgebouwen te behoeden voor de sloophamer biedt herbestemming uitkomst. Maar zijn alle herbestemmingen wel succesvol en welke factoren zijn daarin bepalend? Architectuurhistoricus Herman Wesselink onderzoekt de mogelijkheden en de valkuilen.

In the face of possible demolition, the many vacant Dutch churches are put to new use. Herman Wesselink critically evaluates several of these projects, such as a Dominican-church-turned-bookstore in the city of Maastricht, and defines several factors that either contribute or prevent successful new use of church buildings. Compatibility with the original religious function proves to be a major determinant.

Bestel dit nummer bestel-button

Duurzaamheid, alles of niets? Over de toepassingen van een modewoord

Sustainability, all of nothing? On the application of a vogue word

 

Pieter Winters

 

Since Al Gore’s documentary An Inconvenient Truth, ‘sustainability’ has become an ubiquitous term, yet its meaning remains indistinct. Drawing from his analysis of the application of this term in the field of architectural renewal, Pieter Winters presents two workable definitions of sustainability: one centered on (material) durability, the other on energy neutral design.

 

Het begrip duurzaamheid is sinds Al Gores An Inconvenient Truth overal aanwezig. Wat er precies mee wordt bedoeld, kan echter flink verschillen. Pieter Winters onderzoekt en definieert het modewoord duurzaamheid en verduidelijkt het begrip aan de hand van één van de grootste bouwopgaven uit deze tijd: de herontwikkeling van wederopbouwwijken.

 

 

 

 

Duurzaamheid als kunst

Over de potenties van kunst in duurzame ontwikkeling

Sustainability as art

On art’s potential in a sustainable society

 

Hans Dieleman

 

Sociologist Hans Dieleman discusses the methods of artists such as David Haley, Helen Mayer & Newton Harrison, and Theo Jansen. Dieleman argues that these methods illustrate a contextual and associative mode of thought that could be applied successfully to problems that appear unsolvable when tried using traditional scientific methodology.

 

In de contextafhankelijke en associatieve werkwijze van bepaalde kunstenaars ziet socioloog Hans Dieleman een waardevol alternatief voor het handelen naar het klassieke wetenschappelijke wereldbeeld. Dit kan leiden tot een meer vruchtbare benadering van complexe zaken zoals duurzaamheid en het klimaatvraagstuk.

 

 

 

 

Eco-cities and warm fuzzy feelings

Rachel Keeton

 

Climate friendly and pleasantly green, the concept of the so-called eco-city promises a sustainable solution for urban planners and city residents alike. However, in her review of several (proposed) eco-cities Rachel Keeton indentifies some discrepancies that indicate property developers might be exploiting the ‘warm fuzzy feelings’ associated with these projects.

 

In het kader van de huidige klimaatproblematiek lijkt de eco-city dé belofte voor een duurzame toekomst. Ontwikkelaars, uit op financieel voordeel, spelen echter handig in op de trend om duurzaam te willen leven. Rachel Keeton bespreekt in dit artikel het fenomeen eco-city en plaatst kritische kanttekeningen bij de vrije invulling van dit begrip

 

 

 

 

Museums and Sustainability

 

In a conversation with Kunstlicht’s Jesse van Winden and Maeike Kimsma, Maurice Davies discusses the environmental and material consequences of the museum boom in the United Kingdom. Drawing from his experience as the Deputy Director of the Museums Association, he consequently proposes several changes that will make museums more sustainable.

 

In een gesprek met Jesse van Winden en Maeike Kimsma van Kunstlicht weidt Maurice Davies, Hoofd Communicatie en Beleid van Museums Association, uit over een aantal kwesties op het vlak van duurzaamheid binnen de museumsector.

 

 

 

 

‘Een kwestie van gezond boerenverstand’

Interview met Paul de Ruiter

A matter of common sense’

Interview with Paul de Ruiter

 

For years, the architect Paul de Ruiter has been researching and designing sustainable forms of architecture. His ‘intelligent’ buildings and autarkic cities generate their own energy, provide food for their inhabitants, and connect people in surprising ways. Unfortunately, real estate developers and municipal governments usually stick to out-dated designs.

 

Architect Paul de Ruiter is al jaren bezig met het bedenken en toepassen van duurzame architectuur. Hij pleit voor ‘intelligente’ gebouwen die dienen als bron voor energie en voedsel en tevens mensen gezond houden en met elkaar verbinden. Hoe kijkt hij aan tegen de huidige gang van zaken op het gebied van duurzaamheid? Kan het beter, en zo ja, hoe dan? Interview met een man die de natuur beter wil laten worden van zijn gebouwen.

 

 

 

 

Hergebruik van kerkgebouwen

New use of church buildings

Herman Wesselink

 

In the face of possible demolition, the many vacant Dutch churches are put to new use. Herman Wesselink critically evaluates several of these projects, such as a Dominican-church-turned-bookstore in the city of Maastricht, and defines several factors that either contribute or prevent successful new use of church buildings. Compatibility with the original religious function proves to be a major determinant.

 

 

In een poging leegstaande kerkgebouwen te behoeden voor de sloophamer biedt herbestemming uitkomst. Maar zijn alle herbestemmingen wel succesvol en welke factoren zijn daarin bepalend? Architectuurhistoricus Herman Wesselink onderzoekt de mogelijkheden en de valkuilen.